|
bron: PZC 25 juni
De Westerschelde Container Terminal is nog steeds ongewis.
" Zoals de zaken er nu voorstaan, wordt 13 november de volgende markante datum in het WCT-dossier. Dan moet, zo vinden de coalitiepartijen CDA, SGP, CU en GL in de Staten van Zeeland, de haalbaarheid van de WCT blijken. De Partij voor Zeeland ontmaskerde dit als een opzet om met het plan te stoppen. Dat zou vermetel zijn. Want in de Zeeuwse politiek wil niemand de containerboot missen. Kwelling of niet."

MIDDELBURG - Het nieuws was de dagen ervoor al wereldkundig gemaakt in de PZC: havenschap Zeeland Seaports van plan een containerkade pal aan de Westerschelde aan te leggen.
Deze voortijdige publicatie deed niets af aan de bescheiden trots waarmee toenmalig gedeputeerde en havenschapsvoorzitter Daan Bruinooge vandaag op de kop af tien jaar geleden de plannen voor de Westerschelde Container Terminal officieel presenteerde. Want het ging - het was een van Bruinooges favoriete uitdrukkingen om ‘een slag in de wapenkamer'. Een investering van ruim 500 miljoen euro, meneertje, en werkgelegenheid voor 1500 man. Op dat laatste aantal liet de gedeputeerde maar meteen de multiplier- factor los: met de afgeleide werkgelegenheid meegerekend zou deWCT zeker goed zijn voor 3000 banen. Niemand die hem tegensprak. De vertegenwoordiger van Rotterdam niet ( Zeeland Seaports zou de containerkade samen met het Havenbedrijf Rotterdam aanleggen), de vertegenwoordiger van de beoogde exploitant Hessenatie niet en zelfs de vertegenwoordiger van de Milieu Federatie leek in zijn nop-jes, omdat de WCT de tweede Maasvlakte onnodig zou maken. Tevredenheid en overmoed overheersten die mooie 25ste juni 1999. Bruinooge durfde zich zelfs aan een voorspelling te wagen over de termijn waarop de WCT zou kunnen worden verwezen-lijkt: „Ik reken erop dat ik het eerste containerschip nog als gedeputeerde en havenschapsvoorzitter kan verwelkomen." Tien jaar later is de WCT een tantaluskwelling voor de Zeeuwse politiek geworden. Telkens wanneer de aanleg binnen bereik lijkt, doemen weer nieuwe problemen op. De Commissie voor de Milieueffectrapportage wilde in 2001 dat het huiswerk werd overgedaan, de Raad van State schrapte in 2003 de streekplanwijziging voor de WCT, de zonder langdurige planologische procedures aan te leggen Verbrugge Container Terminal leek de WCT in 2007 de loef af te steken en dit jaar is duidelijk geworden dat de inpoldering van 100 hectare strand en slik voor de containerkade lastig te verenigen is met natuurherstel in de Westerschelde. De recentste klip is de noodzaak ook voor de geplande natuurcompensatie bij Ritthem een milieueffectrapport op te stellen. Aan zoveel bezoekingen stond zelfs Tantalus niet bloot. En dan heeft zich ook nog eens een economische crisis voorgedaan, waardoor zekerheden van een jaar geleden twijfelachtig zijn geworden. Ook in de wereld van het containervervoer. Volgens Larissa van der Lugt, haven- en vervoerseconoom aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, is het onwaarschijnlijk dat de ontwikkeling van het containervervoer na de crisis op dezelfde voet zal doorgaan als ervoor. „Het herstel zal sowieso lang duren en het groeipad zal anders zijn. De tijd dat het percentage van de toename van de containeroverslag met dubbelde cijfers werd geschreven, hebben we wel gehad. Er is een onbalans in vervoersstromen ontstaan. Of de VS en Europa weer op hetzelfde vraagniveau zullen komen, blijft afwachten. China zal de komende jaren overschakelen van produceren voor Europa en de Verenigde Staten naar meer voor de eigen thuismarkt. Het lijkt me een veilige veronderstelling dat het transport over zee na de crisis minder zal toenemen dan ervoor." De WCT blijft in de ogen van Van der Lugt een aantrekkelijke optie met zijn gunstige achterlandverbindingen en zijn beoogde uitbater die als Hesse Noord- Natie inmiddels onderdeel van de wereldspeler PSA is geworden. Maar er zijn ook beperkingen. „Vlissingen- Oost is niet de toegangspoort tot een achterland met een grote markt. Voor doorvoer van containers is de WCT zeer geschikt, maar dat levert maar betrekkelijk weinig toegevoegde waarde op. Overslag op zich leidt niet automatisch tot positieve economische effecten, anders dan voor de exploitant van de terminal." Ook Bruinooges multiplier- factor is volgens Van der Lugt in een ander licht komen te staan. De geestelijke vader van de WCT voorzag veel afgeleide werkgelegenheid en toegevoegde waarde in de vorm van bedrijven waar de inhoud vancontainers gereed zou worden gemaakt voor distributie. Van der Lugt: „ Je ziet de afgelopen jaren dat logistieke en distributiebedrijven zich eerder vestigen bij een regionale markt dan bij een haven. Ze zoeken strategische plekken op met uitstekende verbindingen over weg, spoor en water. De eerste en de laatste zijn in Zeeland in potentie goed; de tweede is problematisch, omdat overlast de capaciteit beperkt." Zoals de zaken er nu voorstaan, wordt 13 november de volgende markante datum in het WCT-dossier. Dan moet, zo vinden de coalitiepartijen CDA, SGP, CU en GL in de Staten van Zeeland, de haalbaarheid van de WCT blijken. De Partij voor Zeeland ontmaskerde dit als een opzet om met het plan te stoppen. Dat zou vermetel zijn. Want in de Zeeuwse politiek wil niemand de containerboot missen. Kwelling of niet.
|