Partij voor Zeeland < PvZ Nieuws 2011 < Art. 44 vragen over Belgische lozing vervuild afvalwater naar de Westerschelde
Art. 44 vragen over Belgische lozing vervuild afvalwater naar de Westerschelde PDF Afdrukken E-mailadres
Nieuws 2011
woensdag 22 februari 2012 16:09

Aan het College van Gedeputeerde Staten

 

Hoek , 22 februari 2012

Geacht College,

 

Schriftelijke vragen  conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Johan Robesin, Partij voor Zeeland (PvZ), over Belgische lozing vervuild afvalwater naar de Westerschelde.

Toelichting

Herhaaldelijk hamert de Vlaamse politiek er stevig op, dat Nederland de Scheldeverdragen onverkort dient na te leven. De Hedwigepolder moet onder water om zo de “de zieke status van het unieke Westerschelde-estuarium hoognodig te verbeteren”. Tegelijkertijd zien onze zuiderburen er kennelijk geen probleem in om al sinds het najaar van 2009 vervuild huis-houdelijk afvalwater via de rivierloop van de Schelde naar de Westerschelde te sturen.

Volgens de Franstalige krant Le Soir (bron: deskundigenrapport) worden door het (te kleine) waterzuiveringsstation Brussel-Noord, met toestemming van de Europese Commissie, nog steeds één op de vijf dagen de lozingsvoorschriften overschreden. Een investering van zeventig miljoen euro zou nodig zijn om de capaciteit van de Brusselse waterzuivering op voldoende niveau te brengen. Dat geld is er niet. Kennelijk is er dat wel om de Prosper-/Hedwigepolder opnieuw bij de Westerschelde te voegen.

De Statenfractie Partij voor Zeeland heeft op 22 december 2009 schriftelijke vragen aan het GS-College gesteld over de vervuiling van de Westerschelde door Belgisch rioolwater. Wij vroegen o.a. of het College bereid was om de kwestie voor te leggen aan de Europese Commissie “gelet op het feit dat hier de staat van instandhouding van de Westerschelde (Natura2000) en de Kaderrichtlijn Water in het geding zijn”.  Het toenmalige College van GS weigerde dat.

Vragen

  1. Heeft het Zeeuwse Provinciebestuur er nog steeds geen moeite mee dat de Europese Commissie klaarblijkelijk met twee maten meet?
  2. Gaat dit College opnieuw geen stappen ondernemen om te bevorderen dat België dwingend wordt opgelegd, dat het lozen van grote hoeveelheden vervuild huis-houdelijk afvalwater op de Westerschelde, onmiddellijk moet stoppen en in geen enkele verhouding staat tot de Vlaamse eis om de Hedwigepolder onder water te zetten teneinde  het estuarium (eindelijk!) weer gezond te maken?
  3. Is uw College, evenals het vorige dagelijks Provinciebestuur, niet van plan om de kwestie alsnog aan te kaarten bij de Europese Commissie en te wijzen op een ambivalent toezicht v.w.b. naleving van Europees opgelegde normen?

Onze fractie ziet de beantwoording van uw College graag z.s.m. tegemoet.

Hoogachtend,

Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ),

Johan Robesin, voorzitter