|
Gedeputeerde Heining (VVD) heeft als mededeling dat er diezelfde dag duidelijkheid komt over het bestuursakkoord onderdeel natuur. Volgens de heer Harpe (Groen Links) was er onenigheid tussen de vertegenwoordigers van de provincies en staatssecretaris Bleker. Gedeputeerde Heining liet dat in het midden en vermeldde het onderhandelingsresultaat af te wachten.
Bij het nieuws van de dag heeft de Partij voor Zeeland vragen over het project de Zeeuwse Tong. Er wordt beweerd dat de teelt rendabel is en er per hectare € 6.000,-- kan worden verdiend. De vraag is of het college dit bedrag onderbouwen? Het is interessant te weten of dit bruto of netto inkomsten zijn en welke kosten precies zijn meegerekend. Een andere vraag is hoe het nu tijdens de vorstperiode is gesteld met de vissen in de kweekvijvers van het project. Dit gezien de funeste ervaringen van vorig jaar toen bijna alle kweekvis is gestorven door de koude omstandigheden. Zoals zo langzamerhand gebruikelijk worden deze vragen doorverwezen naar de commissie Economie en Mobiliteit omdat het hier de portefeuille van de heer van Beveren betreft.
Er zijn drie insprekers - de heer Langeraert: stelt de vraag welke factoren er in de Westerschelde aan de hand van de habitatrichtlijn de voorgestelde ingrepen in het estuarium rechtvaardigen. - de heer Schijve: ziet in het niet uitvoeren van het project Waterdunen in deze tijd van bezuinigingen en kredietcrisis een enorme besparingspost voor de overheid. Aangezien toeristen nauwelijks geïnteresseerd zijn in nieuwe natuur is dit een vorm van slim bezuinigen. - mevrouw de Hullu: heeft aanmerkingen op het nieuwe exploitatieplan en vraagt zich af of de opgevoerde baten wel hard gemaakt kunnen worden en vindt dat het niet mogelijk is om de Grex 2010 te vergelijken met de Grex 2011omdat het project steeds veranderd.
Voorstel G.L over restwarmtebenutting. Nadat dit voorstel in de vorige vergadering niet enthousiast werd ontvangen staat het nu weer op de agenda. Het benodigde bedrag is omlaag gebracht van € 80.000,- naar € 50.000,- ten laste van de post initiatieven Provinciale Staten. Het CDA is niet erg enthousiast gezien initiatieven die er al zijn en trekt ook de door GL aangehaalde EU subsidies in twijfel. VVD en SGP willen niet dat het statenbudget aan deze zaak wordt besteed en vinden dat het geld in de energie en klimaat agenda van Economie en Mobiliteit gevonden moet worden. Ook stellen zij de vraag hoeveel de gemeenten zullen bijdragen. De provincie maakt een begin met € 35.000 en voor het vervolgtraject € 15000 waarbij de gemeenten zeker nog zo'n bedrag zullen moeten bijdragen. De PvZ vindt dat de heer Harpe de ultieme scharrelaar is omdat hij dit voorstel wederom op de agenda weet te krijgen terwijl de omstandigheden niet gewijzigd zijn. De restwarmte wordt op de verkeerde plaats geproduceerd (te ver van woningen) waardoor het transport vrijwel onmogelijk is. Aangezien het glastuinbouwproject in de kanaalzone op sterven na dood is ( wederom een miljoenen verslindende economische impuls die niet aansluit bij de behoefte van het bedrijfsleven) en de stad Terneuzen wel op een afstand van Yara ligt die warmtetransport mogelijk maakt zou het logischer zijn om dit idee daar uit te voeren als daar behoefte aan is. Gedeputeerde de Reu is enthousiast over het GL plan ( vandaar dat het nog een kans krijgt) en zegt dat het geld ten laste van het staten budget moet komen omdat het energie en klimaatbudget is vergeven. Hoeveel en of gemeenten bereid zijn mee te betalen is niet bekend. De kanaalzone is een apart verhaal omdat daar nog veel meer zaken spelen m.b.t. restwarmte, slimme combinaties en buisleiding transporten zodat daar dit project niet naartoe moet. Harpe voegt nog toe dat haast geboden is omdat er EU subsidie aangevraagd moet worden.
Exploitatieopzet Waterdunen en Grondverwerving Waterdunen. De SGP vraagt zich af hoe hard de bijdrage uit het NPW is en waarom de getijde duiker steeds duurder wordt. Het CDA sluit zich hierbij aan en vraagt naar de stand van de grondverwerving (VVD ook). D66 wil niet onteigenen en vraagt naar de tijdsspanne die minnelijke verwerving vergt. De PVV heeft de vertrouwelijke stukken vergeleken met 2010 en snapt niet dat toen geen rekening is gehouden met opruim- en sloopkosten die nu wel worden opgevoerd en in de miljoenen lopen. Ook de aanleg van de getijde duiker, munitieruiming en de afkoopsom voor het beheer en onderhoud door het waterschap zijn in 2011 per stuk ineens tonnen duurder. De vraag is of nu dan wel alles is begroot. De PvZ vraagt wanneer de uitspraak van de Raad van State te verwachten valt, volgens de informatie van de PvZ moet nu al voor de derde keer uitstel worden gevraagd en is er dus iets grondig mis. Ook stelt zij vraagtekens bij de hardheid van de NPW bijdrage vooral ook omdat uit antwoorden op Kamervragen blijkt dat de ophoging van de wegingsfactor voor de NPW bijdrage nooit in Den Haag is aangevraagd zodat de regering dus nog steeds uitgaat van de oude wegingsfactor waardoor er dus maar 150 ha. meetelt. Verder wordt meer dan 7 miljoen euro opgevoerd als bate van te verkopen ruilgronden, hoe hard is dit cijfer? Algemeen gesteld is de exploitatieopzet met een batig saldo van krap € 20.000 op een investering van 76 miljoen gebaseerd op aannames en verwachtingen en er hoeft maar een doos paperclips kwijt te raken om een negatief saldo te bewerkstelligen. Het onderzoek naar het verhogen van het bod op de grond van € 1,- per vierkante meter was wat ons betreft verspilde moeite en onbegrijpelijk omdat het normaal is dat de particuliere initiatiefnemer meebetaalt en omdat in de tussentijd de handelsprijs van grond tot € 100.000 per hectare is gestegen waardoor deze hele discussie achterhaald is. Ook plaatst de PvZ vraagtekens bij de onderhandelingsstrategie van de provincie. Een taxatierapport is een uitgangspunt voor onderhandelingen en niet zoals hier wordt voorgesteld een zaak van slikken of stikken voor de verkopende partij. Als de euro ophoging niet uit de exploitatie kan worden gedekt hoe moet het dan met een eventueel flink hogere aankoopprijs? Hoe staat het met de grondverwerving? De heer Flikweert heeft zijn eigendom verkocht maar hoe staat het met het pachtgeld dat bij zijn bedrijf hoort? Wat vindt het college van het feit dat gedeputeerde Wiersma in het verleden steeds op haast hamerde vanwege verstrijkende deadlines m.b.t. subsidies e.d. terwijl nu blijkt dat grond die nodig is voor de kustversterking, waar in beginsel alles om draaide, nog niet is verworven en dat daar nu pas een onteigeningsprocedure voor wordt voorbereid. Antwoorden van gedeputeerde van Heukelom. Hij hoopt op snelle uitspraak RvS omdat het wachten vertragend werkt op de grondverwerving. Ook de grondeigenaren willen graag onderhandelen maar willen wachten op de uitspraak. De aankoop van het bedrijf van Flikweert betreft alleen eigendom en de pachtgrond is nog niet verworven (de teller staat dus nu op 1,5 +25=26,5ha.) Molecaten heeft al iets gedaan in de sfeer van de grondverwerving volgens de gedeputeerde en de provincie kan hen niet dwingen om nog meer te doen. Zolang er geen uitspraak van de RvS is doet hij geen mededelingen over grondverwerving. Omdat Waterdunen een uniek project is lopen de kosten op, er is geen vergelijkingsmateriaal. De risico's in de Grex zijn op de nu bekende feiten berekend en dat is zo goed mogelijk gedaan. Het opruimen van de munitie kost 8 ton en dat bedrag is door het rijk uitgekeerd aan de gemeente Sluis, probleem is nu het geld van de gemeente te incasseren. De NPW bijdrage is niet afhankelijk van de oppervlakte die meetelt voor het NPW, het plangebied voor Waterdunen blijft even groot. Aanvraag bij het rijk is niet nodig omdat de provincie de regie heeft en zelfstandig geld aan kan vragen uit de NPW pot. Dit antwoord leidde er bij de SGP toe om te eisen dat er zo snel mogelijk een aanvraag bij het ministerie wordt gedaan omdat zij juist hadden gevraagd in een motie om ophoging van de weegfactor om ontpoldering van andere gebieden te voorkomen. Op deze manier is hun motie niet uitgevoerd. Gedeputeerde zegt dat volgens het waterschap de deadline wordt gehaald en er dus geen probleem is met de verwerving vn de 32 huizen. Mw. Dekker vertelt nog dat zolang er geen bakken met slib in het gebied komen en dat kan niet omdat de duiker daarvoor te klein is, er geen problemen met de volksgezondheid te verwachten zijn. Het waterschap is verantwoordelijk voor de waterkwaliteit in het plangebied en RWS is dat voor de Westerschelde, het Zwin en Saeftinghe.
Evaluatie disteloverlast De PvZ vindt dat er stappen in de goede richting zijn gezet maar dat er nog steeds te veel mis gaat. Gezien de meldingen die de PvZ nog steeds regelmatig ontvangt, wordt door terreinbeheerders niet adequaat opgetreden en daarom moet de provincie de vinger aan de pols moet houden en er op toezien dat de verordening wordt uitgevoerd. Zo zouden de advertenties in de kranten waarin wordt aangegeven waar burgers met hun klacht terecht kunnen vaker moeten verschijnen en de gemeenten meer achter de broek worden gezeten om te bestrijden. Verder vindt de PvZ dat er een weeffout in de verordening zit omdat op landbouwgrond distels moeten worden bestreden terwijl in natuurgebieden alleen een strook van 30 meter grenzend aan landbouwgrond vrij gemaakt moet worden van distels. Die strook zou veel groter moeten zijn. In de geleide brief wordt volgens de PvZ een veel te positief beeld van de situatie gegeven en wordt het probleem gebagatelliseerd. Chemische bestrijding van distels is niet eenvoudig en een kostbare zaak. Vanuit milieuoogpunt alleen al zou de provincie hier meer prioriteit aan moeten geven. Gedeputeerde Heijning vindt dat het allemaal wel meevalt en is niet van plan de verordening aan te passen of om meer te adverteren.
Informatie avonden m.b.t. het omgevingsplan Alle fracties vinden dat deze avonden moeten worden georganiseerd. Alleen de PvZ vindt de twee geplande avonden te beperkt. De PvZ vindt dat er in alle delen van de provincie consultatie van de bevolking moet zijn. Gedeputeerde Heijning vindt dat er wel genoeg gepolderd is en dat alle organisaties hun zegje hebben kunnen doen. Als blijkt dat er meer behoefte is zal hij daar naar kijken maar nu is de tijd van praten voorbij en komt de schriftelijke inspraak in beeld.
Afdoening van toezegging 37 n.a.v. de inspraak van de heer Langeraert m.b.t. de waterkwaliteit in de Westerschelde ter hoogte van Waterdunen. Volgens gedeputeerde Heijning is er geen probleem met toxische stoffen in het water van de Westerschelde ter hoogte van Waterdunen. De PvZ stelt dat dat waar kan zijn maar dat het in deze belangrijker is te kijken naar de vervuiling in het in oplossing zijnde slib dat in het water zweeft. Mw. Dekker heeft een literatuurstudie gedaan naar de stoffen in het water, wat de PvZ betreft moet zij nog een keer de boeken in om te zien hoe het met het slib staat. Op deze manier is Saeftinghe tenslotte ook vervuild geraakt. Gedeputeerde Heijning zegt toe een poging te wagen deze gegevens boven water te krijgen.
Gert-Jan Minderhoud Burgercommissielid REW voor de Partij voor Zeeland

|