Partij voor Zeeland < PvZ Nieuws 2011 < Open brief aan Minsterpresident Rutte en Staatssecretaris Bleker
Open brief aan Minsterpresident Rutte en Staatssecretaris Bleker PDF Afdrukken E-mailadres
Nieuws 2011
zondag 12 februari 2012 09:11

Johan Robesin, fractievoorzitter van de Statenfractie van de Partij voor Zeeland heeft een open brief gericht aan Ministerpresident Rutte en Staatssecretaris Bleker met als ondewerp: "Terug naar af in de ontpolderdiscussie"

 

Ministerpresident Mark Rutte

en Staatssecretaris Henk Bleker

p/a Ministerie van Algemene Zaken

Postbus 20001

2500 EA DEN HAAG

 

Hoek, 10 februari 2012

 

O P E N  B R I E F

Onderwerp: Terug naar af in ontpolderdiscussie.

Zeer Geachte Heren Rutte en Bleker,

U beiden is genoegzaam bekend dat ik een fervent strijder ben tegen het teruggeven van vruchtbaar Zeeuws polderland aan de zee. De argumenten zijn duidelijk. Ik heb diep respect voor Uw inzet en vasthoudendheid teneinde ontpoldering in Zeeland te voorkomen. 

Zeer verwarrend in het Westerschelde-/ontpolderdossier is de rol van de Europese Commissie. Volgens dagblad De Telegraaf van 9 februari j.l. zou de EC juridische stappen tegen Nederland voorbereiden, omdat de natuurparagraaf (herstel van estuariene natuur in de Westerschelde door middel van ontpoldering) in de Scheldeverdragen van 2005, niet wordt nageleefd. Het natuurherstel zou nodig zijn om de natuurschade als gevolg van het tot driemaal toe verdiepen van de vaargeul (toegankelijkheid Haven van Antwerpen) te compenseren. Dat misverstand blijft de kop opsteken en drijft de discussie steeds meer in de foute richting. De eerste twee verdiepingen zijn zelfs overgecompenseerd en voor de derde verdieping was er volgens de Raad van State geen gevaar voor “significante natuurschade”.

In de aanloop naar de Scheldeverdragen hebben Nederlandse en Belgische natuurorganisaties met Vlaanderen de “deal” gemaakt dat zij zich niet zouden verzetten tegen een derde verdieping van de Westerschelde mits er op termijn 3.000 ha nieuwe estuariene natuur zou worden gerealiseerd. Als eerste stap werd een oppervlakte van 600 ha vastgelegd in de verdragscluster. De rest werd geborgd in een zogeheten lange termijn visie. De natuurlobby gaf voor wat Nederland betreft de voorkeur aan ontpoldering van de Hedwigepolder (Rijk) en een deel van Het Zwin (Rijk). Andere maatregelen zouden in het middengebied van de Westerschelde worden uitgevoerd (Provincie). Met name de ontpolderingen zouden “de slechte staat van instandhouding” van de Westerschelde een grote dienst bewijzen.

Geheel ten onrechte verondersteld, aangezien het Westerscheldegebied bij de Natura2000-aanmelding (1996-1998) bij de Europese Commissie in Brussel juist het predicaat “goede staat van instandhouding” had meegekregen. Die beoordeling staat nog steeds als een huis. De “slechte staat van instandhouding” is een puur verzinsel van de groene bureaucratie in Den Haag en Brussel.

 Wellicht ten overvloede wijs ik U er op, dat de Habitatrichtlijn (1992), noch het zogenoemde Standaardgegevensformulier (1996) enige twijfel laten bestaan over het feit, dat gebieden “van communautair belang”, waaronder de Westerschelde, op basis van wetenschappelijk ecologisch onderzoek dienden te worden geselecteerd, hetgeen ook is gebeurd. De discussie rond de Westerschelde spitst zich met name toe op de habitattypen H1130: Estuaria en H1330: Atlantische schorren.

Alle gegevens met betrekking tot de Westerschelde zijn eenduidig; beide habitattypen staan aangemeld (en die aanmelding is nog steeds relevant) als zijnde “in een goede staat van instandhouding (codering:B). Het gegevensformulier van de Westerschelde is één van de weinige juridisch en ecologisch houdbare documenten, zo niet het enige, in de hele instandhoudingsdiscussie. De “slechte staat van instandhouding” bestaat niet en is door de natuurbeweging “bedacht” om de Vlamingen te kunnen overvragen. De Haven van Antwerpen lijkt van de Hedwigepolder een heilig principe te maken vanwege de natuur en een overstromingsrisico, dat er met de haren bijgesleept is. In werkelijkheid gaat het om de angst voor de natuur- en milieubeweging, die als zij haar zin niet krijgt, bij iedere “aanpassing” van de vaargeul, ook al heet dat nu “slim baggeren en storten” naar de rechter kan stappen en daarmee de haventoegang/economische groei kan blokkeren. Daar draait alles om. Antwerpen steekt Rotterdam immers naar de kroon.

De Europese Commissie kan helemaal geen eisen stellen, laat staan ontpoldering voorschrij-ven, doch slechts de door Nederland voorgestelde natuurmaatregelen in omvang en kwaliteit beoordelen en vervolgens goed- of afkeuren nadat deze zijn uitgevoerd.

Ik doe dan ook een ernstig beroep op U beiden om vast te blijven houden aan de ingezette route: geen ontpoldering! Mochten de gevonden alternatieven door Vlaanderen definitief worden afgewezen, wil ik nadrukkelijk bij U bepleiten een onafhankelijk onderzoek (bijvoorbeeld door de Algemene Rekenkamer) in te zetten naar het beginpunt van de hele discussie en wat daarna is in diverse “stappen” vanaf 1996 tot nu, is vervormd en verdraaid, vooral hoe de Zeeuwen een rad voor de ogen is gedraaid,. Dan zal ongetwijfeld blijken, dat het verstandiger is het dossier wederzijds (Vlaanderen-Nederland) in schaamte te sluiten en in goede harmonie de Scheldeverdragen te corrigeren zoals reeds lang had moeten gebeuren. Ook een historische fout is vergeeflijk. Onvergeeflijk is het die tegen beter weten in niet te erkennen en elkaar te vuur en te zwaard te (blijven) bestrijden. Veelal ten koste van Zeeland.

Met andere woorden: ga terug naar af! Dat zou veel leed, ergernis, verdrietigheid, tijd, energie  en niet op de laatste plaats vele tientallen miljoenen euro’s besparen. In een tijd van crisis niet onbelangrijk.

 

Een (open) reactie op deze brief zou ik zeer op prijs stellen.

In goed vertrouwen, Hoogachtend,

Johan Robesin

voorzitter Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ)

 

Zie ook: Omroep Zeeland