Partij voor Zeeland < PvZ Nieuws 2011 < art 44 vragen: vestiging hoofdkantoor ROC in Terneuzen
art 44 vragen: vestiging hoofdkantoor ROC in Terneuzen PDF Afdrukken E-mailadres
Nieuws 2011
dinsdag 10 januari 2012 11:46

Aan het College van Gedeputeerde Staten

 

Hoek , 10 januari 2012

Geacht College,

 

Schriftelijke vragen  conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Johan Robesin, Partij voor Zeeland (PvZ), over vestiging hoofdkantoor ROC in Terneuzen.

Toelichting

De ondernemingsraad van het ROC Zeeland vindt de vestiging van het ROC-hoofdkantoor in Terneuzen “verspilling van overheidsgeld”. De ondernemingsraad zegt zich ernstige zorgen te maken over de 2 miljoen euro, die Provincie, Gemeenten en het bedrijfsleven de komende 10 moeten ophoesten om de overheadkosten (o.a. verplaatsingskosten van personeel) te dekken. “Dit besluit gaat over prestige en ego’s, niet over het onderwijs”, zo wordt gesteld.

Onze Statenfractie heeft in deze zaak altijd het onderwijsbelang en een betaalbare bereikbaarheid voorop gesteld. Wij kunnen heel goed begrijpen dat de regio Zeeuws-Vlaanderen alles in het werk stelt om arbeidsplaatsen te creëren en compensatie te vinden voor het verlies aan werkgelegenheid naar Midden-Zeeland door de Westerscheldetunnel. Toch lijkt de vrees gerechtvaardigd, dat hier sprake is van louter politiek spel (schuiven met werkgelegenheid), dat zich op termijn gaat wreken op de kwaliteit van het onderwijs, als blijkt dat er verkeerde keuzes zijn gemaakt. Daar is de toekomst van Zeeuws-Vlaanderen niet mee gediend.

De Provincie wil een bedrag van € 500.000,-- bijdragen. Bij alle bezuinigingen die momenteel aan de orde zijn, moet zo’n uitgave buitengewoon kritisch gewogen worden. Onze fractie vraagt zich af of dit wel voldoende gebeurt, resp. gebeurd is.

 

Vragen

  1. Deelt uw College de visie van de ROC-ondernemingsraad dat het besluit om het ROC-hoofdkantoor van Middelburg te verplaatsen naar Terneuzen verspilling van overheidsgeld is?
  2. Is uw College het eens met de kritiek van de Middelburgse wethouder De Vries, dat deze verhuizing met overheidsgeld wordt bekostigd?
  3. Zijn er op dit moment voldoende (échte!) zekerheden zowel financieel als organisatorisch en logistiek, dat deze beslissing een juiste is, niet louter op politieke gronden (Zeeuws-Vlaanderen aan werkgelegenheid helpen) wordt/is genomen en niet ten koste zal gaan van de onderwijskwaliteit? 
  4. Is uw College bereid om, gelet op discussie van dit moment, nog eens heel scherp te kijken naar deze zaak en zo concreet mogelijk in beeld te brengen hoe solide en betrouwbaar de financiering is van het verplaatste hoofdkantoor ROC-Zeeland, inclusief de effecten voor de langere termijn?

Wellicht is de Gedeputeerde bereid om er in de komende Commissievergadering BFW al iets over te zeggen?

Intussen zien wij de schriftelijke antwoorden van uw College graag z.s.m. tegemoet.

 

Hoogachtend,

Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ),

Johan Robesin, voorzitter

 Zie ook het artikel uit de PZC