Partij voor Zeeland

Nieuwsbrief PvZ










We hebben 6 gasten online
 

Partij voor Zeeland/WZE
website van de vertegenwoordiging van de Partij voor Zeeland
in het bestuur Waterschap Zeeuwse Eilanden

Dossier ontpoldering
Nieuwe Natuur

kalendericon9
Partij voor Zeeland Voorpagina
art. 44 vragen aan GS t.a.v. Vossenoverlast
Vragen aan GS
donderdag, 22 juli 2010 08:36

Aan

het College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDELBURG

 

 

 

 

Hoek, 22 juli 2010

 

Schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Johan Robesin, Partij voor Zeeland (PvZ), over vossenoverlast.

 

Geacht College,

 

Toelichting

 

De afgelopen jaren veroorzaken vossen in toenemende mate overlast. Aantoonbaar worden met de regelmaat van de klok dieren binnen diergaardes en particuliere hobbydieren uitge-moord door deze genadeloze roofdieren.

 

Dit alles is met name te wijten aan de nieuwe Flora- en faunawet die op 1 april 2002 werd ingevoerd. Overijverige dierenbeschermers dachten er goed aan te doen de kraai, kauw, ekster en de vos een beschermde status te verlenen en de natuur op z’n beloop te laten; aldus geschiedde. Het pakte echter anders uit dan verwacht. Kraaien pikten in de provincie Drenthe 40 lammeren de ogen uit, de weidevogelstand nam zienderogen af en de jagers stonden machteloos.

 

Na verloop van tijd drong het ook tot de natuurbeschermers door dat het zo niet langer kon en werd de Flora- en faunawet aangepast; de zwarte kraai en de kauw werden per 1 april 2004 wederom bejaagbaar gesteld. Weer jaren later, na diverse onderzoeken en evaluaties, werd uiteindelijk ook de vos (per 1 april 2006) weer op de landelijke vrijstellingslijst gezet. De ekster ontspringt tot op heden nog steeds de dans. Deze “guitige” zwart-wit gevederde vogel geniet om onbegrijpelijke redenen nog steeds een beschermde status, terwijl deze soort in aantal (net als de andere genoemde soorten) buitenproportioneel is toegenomen en zich dagelijks tegoed doet aan (jonge) zangvogels en met plezier een hele rij zwaluwnesten leegrooft vanonder de dakgoot.

 

Samengevat kan onze fractie constateren, dat het evenwicht in de natuur, dat tot 2002 bestond, ruw werd verstoord door de invoering van de toenmalige nieuwe Flora- en faunawet. Gedurende de periode dat genoemde roofdieren een beschermde status genoten en in het geval van de ekster nog steeds genieten, heeft voortplanting er voor gezorgd dat het voor de jagers nu een soort van dweilen met de kraan open is geworden.  

 

De zo ontstane achterstand kan niet één twee drie worden ingelopen zonder alle mogelijke middelen uit de kast te mogen trekken.

 

Gelet op het feit dat vossen voornamelijk ’s nachts actief zijn, kunnen deze rovers overdag niet effectief worden bestreden. Diverse provincies hebben derhalve, op plaatsen waar overlast door vossen aantoonbaar werd vastgesteld, het jagen met kunstlicht toegestaan.

 

Vragen.

 

  1. Is uw College bekend met deze problematiek?
  2. Zo ja, onderkent uw college dan met de Statenfractie Partij voor Zeeland, dat vossen een probleem vormen en deze predatoren, in het algemeen belang, zo effectief mogelijk dienen te worden bestreden?
  3. Is uw College dan ook bereid dit doel  na te streven en ontheffing te verlenen op grond van art. 68 van de Flora- en faunawet, zodat ook in de provincie Zeeland, op die plaatsen waar overlast wordt geconstateerd, het jagen met kunstlicht (op aanvraag) mogelijk is?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

 

 

Hoogachtend,

 

Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ),

Johan Robesin te Hoek, voorzitter

 

PARTIJ VOOR ZEELAND

Kreeksingel 43, 4542 BN HOEK

 
Eindelijk vakantie voor groene subsidieslurpers!
Partij voor Zeeland Column
dinsdag, 20 juli 2010 20:54

Het mislukken van de onderhandelingen over de formatie van een paarsplus (wat een afschuwelijke kleur!) coalitie komt voor mij niet als een verrassing. Immers, wie strategisch inzet, kan strategisch winnen. VVD-er Mark Rutte heeft dat goed begrepen. Ik heb geen dag geloofd dat hij echt van zins was met Cohen, Halsema en Pechtold een regeringsteam te zullen vormen. Dat zou voor Nederland trouwens een desastreus scenario zijn geworden. Een subsidiekabinet van het ergste soort! Nog meer miljarden voor windmolens, klimaatbedenksels en duurzaamheid, terwijl onderwijs en zorg het nakijken hebben. Het Ministerie van VROM is zelfs zonder zo’n sinterklaaskabinet al aan het uitdelen. Kun je nagaan hoe groen dat departement is. Ontpolderen? Nog meer cultuurland inruilen voor distelnatuur? Ook geen probleem, want op LNV barst het van de groenen en Verkeer en Waterstaat is geen haar beter. Met paarsplus aan de knoppen zouden we met z’n allen alleen (nog) wat sneller de afgrond zijn ingedoken.

Alleen een rechts kabinet kan uitkomst brengen. Zo heeft kiezend Nederland het ook gewild. En met de VVD aan het roer maakt ontpoldering een kans voorgoed naar de hel gestuurd te worden. Liberaal Tweede Kamerlid Helma Nepperus heeft dat immers beloofd toen zij de open dag in de Hedwigepolder bezocht. Eens zien of zij en haar VVD de rug recht(s) houden en recht(s)zetten wat de PvdA en het CDA hebben krom gebogen. Laten we over GroenLinks maar zwijgen. Die partij zou het liefst een Nederland willen zonder menselijke bevolking en vol gevleugelde vrienden, die zich (wat jammer nou..) te pletter vliegen tegen windmolens.

Johan Robesin

 
art. 44 vragen aan GS over verzilting Volkerak-Zoommmeer
Vragen aan GS
dinsdag, 20 juli 2010 11:05

Aan

het College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDELBURG

 

 

 

 

Hoek, 20 juli 2010

 

 

Geacht College,

 

Schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Johan Robesin, Partij voor Zeeland (PvZ) over verzilting Volkerak-Zoommeer.

 

Toelichting

 

Volgens Gedeputeerde Frans Hamelink, lid van de Stuurgroep Zuidwestelijke Delta, zijn de plannen om het gebied “veilig, veerkrachtig en vitaal” te maken, positief ontvangen

(PZC 19.7.2010). Onderdeel van het uitvoeringsprogramma is het weer zout maken van het Volkerak-Zoommeer vanwege overlast door blauwalg. Met uitzondering van de Partij voor Zeeland schaart Provinciale Staten zich achter deze ingrijpende maatregel, die honderden miljoenen euro’s gaat kosten, zonder enig uitzicht op een positief effect.

 

Een investering die, naar onze mening, in het licht van de economische crisis en de drastische bezuinigingsmaatregelen die Rijk, Provincies en Gemeenten moeten doorvoeren, volstrekt onverantwoord is. Onverantwoord ook omdat grote vraagtekens gezet moeten worden achter een continue zoetwater toevoer ten behoeve van land- en tuinbouw, kassenteelt en procesindustrie naar Tholen, Sint Philipsland, Zuid-Beveland en een aanzienlijk deel van Zuid-Holland. Het belang daarvan wordt door de plannenmakers afgedaan als “dat komt zeker goed”. Waar het benodigde geld vandaan moet worden gehaald, lijkt hen niet te boeien, evenmin als de mogelijk zeer nadelige effecten.

 

In de PZC van afgelopen maandag 19 juli lazen wij, dat verzilting van het Volkerak-Zoommeer wel eens overbodig zou kunnen zijn, nu blijkt dat de overlast door blauwalg de laatste twee jaar is afgenomen. Het doorzetten van de verziltingsplannen zou dus erg voorbarig en onverstandig zijn.

 

Tegen het eind van 2010 wordt een overeenkomst gesloten tussen Rijk en Provincies over de volgorde waarin de uitvoering van de plannen ter hand wordt genomen. Onze fractie pleit ervoor om het verminderde blauwalgprobleem dan op de agenda te zetten en nog eens scherp te kijken naar dit onderdeel. Wellicht is sprake van voortschrijdend inzicht.

 

 

 

 

 

Vragen

 

  1. Is uw College bekend dat overlast door blauwalg in het Volkerak-Zoommeer de laatste twee jaar verminderd is?
  2. Ziet uw College in deze gunstige ontwikkeling een mogelijkheid om de uiterst kostbare en wellicht rampzalige verziltingsoperatie van de Zeeuwse randmeren te voorkomen?
  3. Is uw College bereid bij het Rijk aan te kaarten dat het verminderde blauwalg-probleem extra aandacht krijgt bij de besprekingen met het Rijk komend het najaar, als  bekeken wordt in welke volgorde het uitvoeringsprogramma zou moeten worden uitgevoerd?

 

Wij verzoeken uw College om in de eerstvolgende Commissievergadering REW een mondelinge reactie te willen geven op bovenstaande.

 

Hoogachtend,

Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ),

Johan Robesin te Hoek, voorzitter

 

 
Brief aan GS naar aanleiding van beantwoording art 44 vragen subsidiering ZMF
Nieuws 2010
vrijdag, 16 juli 2010 08:25

 

 

 

 

 

Aan het College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDELBURG

 

 

Hoek , 15 juli 2010

 

Onderwerp: subsidiëring ZMf

 

Geacht College,

De Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ) is in het geheel niet te spreken over de beantwoording door uw College van onze schriftelijke vragen inzake subsidie Zeeuwse Milieufederatie ZMf van 20.06.2010. Wij hadden gevraagd waarom geen juiste uitvoering wordt gegeven aan de op 13 november 2009 aangenomen motie van CDA, PvZ, SGP, PS en VVD.

 

Opnieuw geeft u aan de motie naast u neer te leggen en een eigen beleidslijn te volgen, die juist voorkomt dat de subsidie aan de ZMf substantieel gekort wordt en deze milieuorganisatie op afstand komt te staan van de Provinciale overheid. De indieners van de motie hadden daar toch duidelijk om verzocht.

Wat zij niet gevraagd hadden:

  • 2010 als een overgangsjaar te beschouwen;
  • de budgetsubsidie in te ruilen voor (wat heet) een coördinatiesubsidie;
  • een korting op de nieuwe subsidieaanvraag, die aanmerkelijk hoger was dan voorheen;
  • de ZMf te motiveren om gesprekken te voeren met het COS en het IVN over samenwerking.

Uw College ziet een belangrijke rol weggelegd voor een nieuwe krachtige maat-schappelijke organisatie op het gebied van ecologie en duurzaamheid en wil daar kennelijk in investeren. Onze motie had niet gevraagd om een nog sterkere ZMF, met een nog nauwere relatie met de Provincie, zoals door uw College beoogd.

Van zo’n organisatie zal Zeeland ongetwijfeld nog meer last gaan krijgen (ook financieel) dan in het verleden al het geval was.

Hoogst bedenkelijk vinden wij de mededeling van uw College, dat de gewenste beleidsbeïnvloeding door de ZMf is vertaald in een bovenmatig betaald bijwonen van werkoverleggen en bijeenkomsten.

Wij verzoeken u deze brief voor behandeling op de agenda te plaatsen van de eerstvolgende Commissie REW.

 

Hoogachtend,

Statenfractie Partij voor Zeeland (PvZ),

Johan Robesin te Hoek, voorzitter

 

Kreeksingel 43, 4542 BN HOEK

 

 
Art 44 Vragen en antwoorden betreffende subsidiering ZMF
Antwoorden van GS
vrijdag, 16 juli 2010 08:22

Vragen van het statenlid J. Robesin (PvZ) ingevolge artikel 44 reglement van orde

 

AANHANGSEL

tot de notulen van de provinciale staten van Zeeland 2010 nummer 340.

 

Vragen ingevolge artikel 44 van het reglement

van orde inzake 'subsidie ZMf'

Antwoorden van gedeputeerde staten:

(ingekomen 22-06-2010)

 

 

1. Waarom heeft uw college geen juiste uitvoering gegeven aan de op 13 november 2009 aangenomen motie m.b.t. de subsidiëring van de ZMf?

1. Ons college heeft in haar brief aan de voorzitter van provinciale staten van 2 maart 2010, onderwerp 'ZMf subsidie 2010', aangegeven op welke wijze ze uitvoering geeft aan de motie van 13 november 2009. de volgende acties zijn benoemd:

  • • 2010 wordt als overgangsjaar gezien.
  • • Het betreft in 2010 geen budgetsubsidie meer. Het gaat om coördinatieactiviteiten naast het uitvoeren van projecten.
  • • Er is ten opzichte van de subsidieaanvraag een korting toegepast van € 20.000,--.
  • • De ZMf moet thans gesprekken voeren met het COS en het IVN om te komen tot samenwerking.

 

2. Waarop is uw besluit om 2010 te zien als een overgangsjaar gebaseerd, in het licht van deze (ook voor de ZMf) heldere motie en hoe kan dat daarenboven ook nog aanleiding geven tot een subsidieverhoging?

 

 

2. Het besluit om 2010 te zien als overgangsjaar is gebaseerd op drie overwegingen:

  • • Er lopen gesprekken over de vorming van een nieuwe 'groene' organisatie
  • • de provincie gebruikt 2010 om te komen tot een gemoderniseerd subsidiebeleid in 2011 én
  • • er zijn overwegingen naar redelijkheid en billijkheid ten aanzien van de positie van de ZMf (subsidierelatie).

Er is geen sprake van een subsidieverhoging. Alle door de provincie gesubsidieerde instellingen hebben in 2010 een 'integrale loonprijs stijging' gekregen van 1,15% (opgenomen in de provinciale begroting). Bij de ZMf is als enige organisatie - ná de 'loonprijs' stijging - een korting toegepast van € 20.000,--.

 

3. Kan uw college toelichten, wat de passage in het 'verslag stafbespreking Gedeputeerde Wiersma van 3 februari 2010: "Projecten ophogen naar € 280.000,--", betekent en waartoe destijds werd besloten?

 

 

3. In de discussie over een nieuwe subsidiebeschikking ZMf 2010 is mede op basis van de motie van 13 november 2009 'een variant' besproken om de ZMf € 280.000,-- aan projecten uit te laten voeren. Uiteindelijk is besloten tot een subsidiebeschikking ZMf 2010 die naar provinciale staten is verstuurd op 2 maart 2010.

 

4. Kan uw college aangeven waarom de ZMf betaald wordt voor het bijwonen van 'werkoverleggen' en €110.062,-- krijgt voor het bijwonen van 46 van de 54 van de "werkoverleggen"?

 

 

4. De rol en positie van de ZMF is in het Omgevingsplan Zeeland 2006-2012 geplaatst onder de noemer natuur- en milieucommunicatie en –educatie (NME), dat een eigen rol krijgt bij de provinciale inspanningen om te komen tot een duurzame samenleving. Algemeen geldt dat een goed duurzaamheid beleid begint met draagvlak. Het accent van het NME-beleid ligt in de inzet om aan dit draagvlak gestalte te geven door het ontwikkelen van programma’s en het financieren van activiteiten die gericht zijn op de uitvoering ervan. Hierbij is van belang dat een overlegstructuur wordt onderhouden en dat een voorwaardenscheppende benadering van uitvoerende instanties en overheden wordt gefaciliteerd. 'Het IVN Consulentschap Zeeland (IVN) en de ZMF nemen hierbij een belangrijke plaats in als het gaat om voorlichting, communicatie en educatie op het gebied van milieu'.

Delen van bovenstaande tekst zijn opgenomen in de subsidiebeschikking 2010 om aan te tonen dat de ZMF bijdraagt aan de doelstellingen van het provinciaal beleid.

De gewenste beleidsbeïnvloeding is door de ZMf vertaald in het bijwonen van werkoverleggen

en bijeenkomsten.

 

5. Is het juist, dat uw college inzet op het komen van één groene organisatie voor Zeeland in 2011 en zo ja, kunt u dan uitleggen waarom dat een taak voor de provincie zou moeten zijn en welke kosten daarmee gemoeid zijn?

 

 

5. Het college zet in om te komen tot één organisatie van COS, IVN en ZMf of een ver gaande vorm van samenwerking tussen deze organisaties. Aanleiding hiervoor zijn de uitkomsten van de provinciale kerntaken-discussie en de provinciale bezuinigings-taakstelling gecombineerd met de overtuiging dat er de komende tien jaar maatschappelijke vraagstukken op de provincie afkomen, waarvoor zij een krachtige samenwerkende organisatie op het gebied van ecologie en duurzaamheid noodzakelijk acht. De kosten bedragen € 17.600,-- voor het inhuren van externe begeleiding.

 

 

 

MIDDELBURG, 13 juli 2010

 

Namens de fractie van Partij voor Zeeland,

Gedeputeerde staten,

 

 

J. Robesin

Karla Peijs

 

Viek Verdult

 

 

 
art 44 vragen: “kinderfeestje met een bijsmaak” rond het “Plan Perkpolder”
Vragen aan GS
maandag, 12 juli 2010 13:07

Aan het College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDELBURG

 

Hoek , 11 juli 2010

 

Geacht College,

 

Schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Johan Robesin, Partij voor Zeeland (PvZ) over “kinderfeestje met een bijsmaak” rond het “Plan Perkpolder”.

 

Toelichting

Fractievoorzitter Leen Harpe van GroenLinks stond in de Statenvergadering van afgelo-pen vrijdag, toen het ging over onvrijwillige grondverwerving in “Plan Perkpolder”, met een uitgestreken gezicht te beweren, dat het project al vanaf het begin op groot enthousiasme heeft mogen rekenen en nog steeds zeer positief wordt benaderd. Ook op de eerste informatiebijeenkomsten was volgens hem vrijwel niemand negatief. De heer Harpe zat er volkomen naast. Al meteen stuitten de bedoelingen met het voormalige veerplein en omliggende landerijen op fors verzet. Ik ben daar zelf getuige van geweest en heb dat eerder al in de Statenzaal opgemerkt. Maar wellicht dat de kritiek van poli-ticus en burger per ongeluk niet in de notulen is weergegeven of uit geheugens is gewist.

Kritiek mocht kennelijk ook niet memorabel gemaakt worden, toen vorige week donder-dag een paar honderd kinderen van twee basisscholen in Kloosterzande op en rond de voormalige veerhaven zich tegoed konden doen aan een “educatieve tractatie” van “Perkpolder Beheer”. Van de jeugdige gasten en hun begeleiders werd als vanzelfspre-kend verwacht, dat zij “Plan Perkpolder” met de grootst mogelijke sympathie in de armen sloten en dat ook lieten blijken.

Daar heeft de Statenfractie Partij voor Zeeland grote moeite mee. Enkele vragen maken wellicht duidelijk waarom dit bij onze fractie slecht gevallen is.

 

Vragen

  1. Is het uw College, als regisseur van “Plan Perkpolder”, bekend dat kinderen tevoren werd opgedragen een T-shirt van Perkpolder te dragen en als zij daar geen trek in hadden, van deelname zouden worden uitgesloten?
  2. Is het uw College bekend dat enkele kinderen een T-shirt droegen van het actiecomité “Redt onze Polders” en dat dit onder protest werd toegestaan, omdat  één van de begeleidende ouders ook zo’n shirt droeg?
  3. Is het uw College bekend dat stickers met de tekst “Ontpolderen Nee””, die werden uitgedeeld door mensen met de nodige kritiek op de Perkpolderplannen, onmiddellijk in de prullenmand moesten verdwijnen?
  4. Is het College het met onze fractie eens, dat een wellicht goed bedoeld kinder-feestje op deze manier een bedenkelijke bijsmaak heeft achtergelaten?

 

In afwachting van uw antwoorden, verblijven wij, Hoogachtend,

Statenfractie Partij voor Zeeland, Johan Robesin, voorzitter.

 

Kreeksingel 43, 4542 BN HOEK

 

 

 

 
Persbericht Stichting Levende Delta
Ontpoldering / Natuur en Milieu
maandag, 12 juli 2010 12:56

De stichting de Levende Delta steunt de gemeenteraad van Hulst om de onteigeningsprocedure voor het Plan Perkpolder op dit moment niet door te zetten.

Tijdens een recent werkbezoek heeft het bestuur van Stichting De Levende Delta duidelijk geconstateerd dat de ontwikkeling van het Plan Perkpolder stagneert en dat de provinciale overheid op geen enkele wijze serieuze inspanningen doet inzake grondverwerving of compensatie in de richting van boeren en bewoners in het gebied.

Bovendien werd tijdens het werkbezoek andermaal duidelijk dat de provinciale overheid ten aanzien van de veiligheid in het gebied de grootst mogelijke risico's neemt met de ontpoldering van gedeelten van de Noorddijkpolder, de Perkpolder en de Noordhofpolder.

Met de geplande uitvoering van het Plan Perkpolder zal kostbare landbouwgrond op zoet grondwater worden vernietigd en zal enorme verzilting in het gebied optreden.

De aanleg en ontwikkeling van een jachthaven bij Perkpolder, het gevaarlijkste en nauwste punt op de Westerschelde, zal tot onaanvaardbare risico's op het water leiden.

De economische crisis legt in de ogen van de stichting de Levende Delta, een bom onder het plan Perkpolder; er is geen enkele zekerheid dat de noodzakelijke verkoop van appartementen en tweede woningen zal slagen.

Daardoor worden de investeringen van de provinciale en gemeentelijke overheid uiterst risicovol en eigenlijk onaanvaardbaar: een debacle als in Groningen met de Blauwe Stad kan Zeeland zich financieel en maatschappelijk niet veroorloven.

Stichting De Levende Delta dringt er bij de provincie Zeeland op aan om onaanvaardbare risico’s op het gebied van (zoet) waterveiligheid en financiën in het Plan perkpolder te vermijden.

Zij vindt het onaanvaardbaar dat een streek gedurende meer dan een decennium wordt gegijzeld met plannen waarvan de economische waarde en impuls onrealistisch blijkt.

Ook dringt De Levende Delta er op aan om met de grootste mogelijke zorgvuldigheid en openheid om te gaan met de boeren en bewoners in het gebied. Het kan niet zo zijn dat zij de prijs moeten betalen voor onrealistische plannen van verschillende overheden en projectontwikkelaars.

Zij pleit er nadrukkelijk voor om alsnog het regime van de Crisis- en Herstelwet van de projekten in Zeeuws Vlaanderen af te halen.

Tenslotte pleit zij er voor om nader onderzoek uit te laten voeren naar de mogelijke risico’s van de kwaliteit van het (bitumen)zand waarmee het strandje van Perkpolder recent is opgehoogd.

 
«StartVorige1234567VolgendeEinde»

Pagina 1 van 7