FIETSVOETVEER

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

                                                                                                      Oostburg, 14 maart 2017,

 

Geacht College,

 

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Dekking tekort Fietsvoetveer Breskens - Vlissingen’.

 

Toelichting

In de Commissie Economie (d.d. 09-03-2018) heb ik namens de Fractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) gevraagd of het mogelijk is om de winst van de Westerscheldetunnel aan te wenden voor dekking van de verliezen van het Fietsvoetveer.

Gedeputeerde van der Maas antwoordde dat als Provinciale Staten dat willen dan kan dat. Gedeputeerde de Bat stelde in antwoord op diezelfde vraag dat het niet kan.

De door beide Collegeleden gegeven tegenstrijdige antwoorden zijn voor de (PVZ) dan ook de aanleiding voor het stellen van de hierna volgende vragen.

 

Vragen

Geld van de Westerscheldetunnel is o.a. reeds ingezet voor de aanleg van de Sluiskiltunnel en wordt ingezet voor de aanleg van het verkeersknooppunt Sloeweg – Bernhardweg

1.      Graag vernemen wij van uw College een eenduidig antwoord op de vraag of tekorten van het Fietsvoetveer gedekt kunnen/mogen worden door de winst van de Westerscheldetunnel en hebben Provinciale Staten hier zeggenschap over? Zo nee, waarom niet?

2.      Is uw College met ons van mening dat één van de redenen dat het Fietsvoetveer verlies maakt gerelateerd kan worden aan het feit dat er geen auto’s meer mogen worden overgezet en dat deze auto’s nu door de Westerscheldetunnel rijden; samengevat dat er een causaal verband bestaat tussen het verlies van het Fietsvoetveer en de winst van de Westerscheldetunnel? Zo nee, waarom niet?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijf ik,

 

 

Hoogachtend,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

deel