TEKORT Fietsvoetveer



                            

 

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

                                                                                       Oostburg, 21 januari 2016

 

Geacht College,

 

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), n.a.v. tekort Fietsvoetveer Breskens-Vlissingen.

 

Toelichting

Toen destijds besloten werd om een vaste oeververbinding aan te leggen, was reeds voorzien dat een gedevalueerde veerverbinding, d.w.z. een veer dat geen auto’s meer overzet en minder passagiers transporteert door “concurrentie” met tunnel, een verlieslatende exploitatie zou betekenen. Mede daardoor is er een overeenkomst tussen de provincie Zeeland en de Rijksoverheid gesloten teneinde deze verbinding naar de toekomst toe te kunnen waarborgen.

Een specifieke uitkering van het Rijk t.b.v. deze veerverbinding, later opgegaan in de BDU (Brede Doeluitkering) Verkeer en Vervoer, was bedoeld om het geheel financieel te compenseren c.q. mogelijk te maken.

 

Volgens het ‘Factsheet toekomstvisie fietsvoetveer’ (bron: provincie Zeeland) bedragen de totale kosten van het fietsvoetveer  € 6.7 mln. (begroting 2016).

In 2015 was dit ± € 6,6 mln. en resteert er na aftrek van inkomsten voor 2015 een tekort van ± € 5,1 mln..

N.B. Dit ondanks een lagere vaarfrequentie in de daluren, een doorgevoerde langzamere gemiddelde vaarsnelheid en de afgenomen brandstofkosten.

 

Vragen

  1. Graag verneemt de fractie van de (PVZ) van uw College (met terugwerkende kracht tot de ingebruikname van het fietsvoetveer), welk bedrag de Rijksoverheid jaarlijks specifiek voor het fietsvoetveer aan onze provincie Zeeland heeft overgemaakt, alvorens deze “donatie” is opgegaan in de BDU (Brede Doeluitkering) Verkeer en Vervoer. Uiteraard zijn wij ook benieuwd naar de exacte groei van het BDU-budget nadat het onderdeel fietsvoetveer daarin is opgegaan; graag ontvangen wij dus ook op dit punt een nadere specificatie.
  2. Toen Provinciale Staten eind 2014 een Statenvoorstel met een aantal nieuwe varianten m.b.t. de waarborging van de veerverbinding Breskens-Vlissingen werd voorgelegd, was dit met name het gevolg van het gegeven dat Gedeputeerde Staten aan PS als feit presenteerde, dat het verlengen van het contact met Veolia € 800.000,-- zou kosten en dat de alternatieven goedkoper uit zouden komen. Heeft het College van Gedeputeerde Staten Provinciale Staten destijds verkeerd voorgelicht of mogen wij deze conclusie niet trekken na uw presentatie van een verlies van 5,1 MILJOEN EURO in het eerste jaar nadat de nieuwe exploitatievorm is doorgevoerd!?
  3. Met welk bedrag zijn de personeelskosten toegenomen t.o.v. de periode voor overname van de exploitatie door de provincie Zeeland van het fietsvoetveer?
  4. Deelt uw College onze zorg dat indien het ‘serviceniveau’ (lees verdere inkrimping aantal afvaarten, eventueel gecombineerd met een tragere busverbinding die meer reistijd vergt en een dan mogelijk verdwijnen van de treinaansluiting in Vlissingen), dat het “krimpgebied “ Zeeuws-Vlaanderen mede als gevolg daarvan verder zou kunnen “leeglopen”?
  5. Kan uw College uitgebreid toelichten waarom er bij de exploitatie van het fietsvoetveer (net als bij de N.V. Westerscheldetunnel) wederom “werkzaamheden” worden uitbesteed aan Movenience; tevens vernemen wij graag de bedragen die hier vanaf de oprichting mee gemoeid zijn.
  6. Kan uw College hard maken dat de afname van het aantal passagiers in 2015 niet te wijten is aan het terugbrengen van de vaarfrequentie van het fietsvoetveer? Graag uw uitgebreide onderbouwing.
  7. Kan uw College becijferen over welk bedrag aan inkomstenderving we praten indien er besloten zou worden tot verdere inkrimping van de vaarfrequentie, eventueel i.c.m. het inzetten van bussen op deze verbindingsroute, in ogenschouw nemende de daarmee gepaard gaande verminderde aantrekkelijkheid voor toeristen, woon- werkverkeer  en studenten?

 

In afwachting van uw reactie, verblijven wij,

 

Hoogachtend,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

 

deel